EEN WIJNNEUS MET DOPERWTJES

Zo om de zoveel jaar is het weer tijd voor een nieuwe bedrijfsfoto. Een terugkerend evenement waarop je iedere keer toch weer met de neus op de feiten wordt gedrukt: moeder natuur blijft onvermoeid haar werk doen. Afgelopen week was het weer zo ver. Enfin, om de kijker zo veel mogelijk te misleiden, tref je als parttime ijdeltuit de nodige maatregelen. Leuk nieuw lippenstiftje gekocht, kappertje gepakt, en m’n gezicht nog eens extra in de scrub. Gezellig nagellakje, een outfit klaargelegd waar je het meest voordelig naar voren komt. Tel daar het prachtige photoshop bij op en je bent om door een ringetje te halen. Dat moet goed komen!

Er is echter één ding zeker in het leven, en dat is dat er geen enkele vorm van zekerheid bestaat. Daarmee werd ik letterlijk met mijn neus op de feiten gedrukt. Want twee dagen voor het grote festijn liep ik echt in volle, maar dan ook letterlijk, in volle vaart tegen een glazen deur. Die deur zit er al jaren, ik weet dat dat ding al weken irritant achter je dichtvalt en nog nooit is iemand in de bedrijfshistorie eerder tegen dat verrekte ding aangelopen. Die twijfelachtige eer kan ik dus op mijn naam schrijven.

Gevolg? Vooral een hoop consternatie. ‘Staat ‘ie nou wel of niet scheef?’ Dat is trouwens een onmogelijke opgaaf om te beoordelen als je ineens met ongekende precisie naar je neus gaat kijken. Bij de huisartsenpost moet je drie keer uitleggen wat er is gebeurd, waarna je je steeds meer een achterlijke blinde kip gaat voelen. Uiteindelijk werd ik met een dikke neus, inclusief gelijmde snee, naar huis gestuurd. Tegen de zwelling zat ik vervolgens de hele avond met een zakje Bonduelle tuinerwtjes (extra fijn!) op m’n neus. Overigens aangeraden door de arts, die dat een prima alternatief vond voor een ice pack.

Op de dag dat ik eigenlijk op de foto zou moeten, was de blauwe plek inmiddels onder mij oog gaan hangen en hoewel ik de photoshopkunsten van de fotograaf niet onderschat, heb ik het fotomomentje maar even aan mijn tere neusje voorbij laten gaan.

Welke wijn?
Ontañón Clarete Rosé Anniversary Edition

Welke druif?
Tempranillo en viura

Gekocht bij?
Grapedistrict

Om van de schrik te bekomen en te vieren dat ik echt iets unieks op mijn naam heb staan, trekken we maar een jubileumrosé van de Grapedistrict open. Deze rosé vloekt heerlijk bij de kleur van mijn neus, want die is toch een stukkie roder. En aangezien mijn reukorgaan zowel van binnen als van buiten wat te lijden heeft gehad kan ik de geur niet helemaal goed inschatten. Iets van kersjes? Smaak is heerlijk, want ondanks de lichte kleur heeft ie hartstikke veel smaak. Grapefruit, bloemig, ook een pepertje. Perfect bij een portie doperwtjes trouwens.

Mannen en wijn

Als stelletjes gaan samenwonen verandert er veel. Zo snel als het aantal sociale contacten minder wordt, zo snel stijgen de avondjes hangend op de bank. Laten we toch maar thuis blijven vanavond. Ook de voorheen vastgeroeste drank- en spijsgewoonten gaan op de schop. Precies op dat punt gebeurt er iets wonderbaarlijks. Mannen gaan – na lang of na kort tegenstribbelen – aan de wijn. Goede combi? Mannen en wijn?

Een vriendin van mij heeft er een flink aantal jaren onder geleden. “Hij drinkt alleen maar bier. Zitten we in De Goudfazant aan een vijfgangen diner, bestelt hij BIER bij het eten.” Meelevend kijk ik naar haar en moet ik concluderen dat het bij mij niet veel beter gaat. Die van mij drinkt wel wijn. Zeker. Van alles: mooie zware rode wijnen, bruisende witte en zelfs roseetjes tikt hij weg. Precies: ik bedoel tikken. De vloeistof die met bloed zweet en tranen door een lief wijnboertje ergens in het pittoreske Frankrijk met liefde en zorg is gemaakt, verdwijnt het keelgat in als, juist ja: die gele rakkers. Daar worden we dus niet blij van.

Daarom deze super vrouwelijke rose, die zelfs ik zo zou kunnen wegtikken. Maar dat doe ik niet. Uit respect voor die wijnboer. En: hoe langer ik met die wijn doe, hoe langer ik er van geniet.

Welke wijn?

Nice Rose uit de Provence

 Welke druif?

Een combinatie van grenache, cinsault en syrah

 Gekocht bij?

De Gall & Gall aan de Haarlemmerstraat, waar het zwart stond van de mensen en maar een verkoper achter de toonbank stond. Gekozen op de pure gok dus.

Deze rose is bijna babyroze. Het doet lieflijk aan het glas. Toen ik de rose inschonk, in gemengd gezelschap, waren het de vrouwen die direct een opmerking maakten over de “lieve” kleur. Tot zo ver de kleur, over naar de geur. De geur is net zo lief als de kleur. Lieve fruitjes als aardbei, framboosjes en zoete kersjes zijn duidelijk merkbaar. Uit het glas knallen doen ze niet, maar ze zijn zeker aanwezig. En dan de smaak. Je raadt het al: net zo lief als de kleur en geur. Weinig body, maar heerlijk voor op het terras, bij lichte tapas. Voor je het weet drink je ‘m op als… uhm ja bier.