Die zondagavonden

Zondagavond is nog onderdeel van je weekend, maar die maandagochtend niet meer. Ze zouden er eens iets op moeten bedenken. Een aantal weken geleden had ik, op zondagavond dus, een diner met vrienden in De Goudfazant in Amsterdam Noord. Een speciale avond waar voornamelijk horecamensen aanwezig waren om te genieten van een diner dat was samengesteld door 4 restaurants. Het leuke was, dat er verschillende wijnmakers aanwezig waren die hun wijnen daar schonken. Een all-in prijs, dus je kan je voorstellen dat de wijn rijkelijk vloeide (en je kan je dus ook bedenken waarom ik daar aanwezig was).

Het diner was fantastisch en de wijnen geweldig. Op de een of andere manier lukte het ons om constant twee glazen per persoon te hebben. Het ene tongstrelende gerecht na het andere kwam voorbij en af en toe kwam er weer een langs: zo’n authentiek boertje uit het zuiden van Frankrijk of Spanje, die in gebrekkig Engels uitlegden met hoe veel liefde ze het sap gebrouwen hadden. Bij sommige was de romantiek overigens ver te zoeken, die zeiden niks en schonken met een norse kop je glas vol (meestal Fransen).

Maar dan is er plotseling dat ene moment. Dat verschrikkelijke zondagavond moment. Het moment dat de waarheid heel langzaam, als een tergende viool, je hersens binnendringt. Je probeert de gedachtes weg te stoppen, te negeren. Het angstzweet druppelt van je rug. Dat ene moment dat je plotseling bedenkt dat je een baan hebt. Dat je loonslaaf bent. Dat je verantwoordelijkheid hebt. Dat je een afspraak hebt. Op. Je. Werk. Fuck, HET IS ZONDAGAVOND. LAAT. En de wekker gaat weer om 6.30 uur. Alsof de aarde onder je voeten weggevaagd wordt. Oké. Dit besef duurt dan welgeteld een hele seconde, waarna je weer rebels het glas heft naar dat authentieke Franse boertje.

Toch kreeg ik tijdens deze avond nog een realisatie momentje te verduren. Want aan het einde van de avond gingen alle tafels aan de kant, kwam er een discobol naar beneden en werd keihard Michael Jackson ingezet. In no time stonden alle, inmiddels tipsy, horecagasten op de dansvloer en leek het erop dat de avond nog gezelliger zou worden dan ‘ie al was. En dan zeg je ineens, tegen je vrienden: “Ehh, zullen we maar gaan? Ik moet, uhm, morgen w…”. Het besef dat je de 30 nadert. Dat je verstandig bent. Dat je morgen nog een béétje fris voor de dag wil komen.  

Welke wijn?
Hareter, 2016

Welke druif?
Grüner Veltliner

Gekocht bij?
Gedronken bij Floor & Yannick, van YanFlorijn

Oooh! Deze druif behoort sowieso al tot mijn favoriete druif en dan is ‘ie er ook nog eens in een heerlijke biologische variant. Eén woord: heerlijk. Zalig. Fantastsich. Oké dat zijn er drie, maar dit is een absolute topwijn. De geur van een lekker fris Elstar-appeltje springt uit het glas. Ook het bekende Grüner-pepertje en de minerale smaak zijn van de partij. Deze wijn drink je gewoon bij het ontbijt – zelfs op maandagochtend als het moet.

Blauwe matjes op de kast

In principe doe ik niet aan goede voornemens. Een goed voornemen moet je ineens te binnen schieten. Actie ondernemen en gaan met die banaan. Dat hoeft niet perse tot 1 januari te wachten als je het mij vraagt. Zo ben ik dus – ergens in september vorig jaar geloof ik – op het briljante idee gekomen om te beginnen met buikspieroefeningen.  

Dus ik naar YouTube. Oefeningen zoeken. De een na de andere fitgirl belooft de mooiste resultaten dus het is nog een hele zoektocht ook. Maar goed, na een tijdje vond ik een knappe meneer die mij op de een of andere manier wel aansprak. Hij ging mij op weg helpen naar een megastrak lichaam! En daar ging ik dan: gewone crunches, zijwaartse crunches, overdwarse crunches, opsekopse crunches, weet ik veel. Ook nog iets met je knieën naar je neus. Of was het nou met je neus naar je knieën?  

Op internet ziet het er moeiteloos uit en dus was ik mij dezelfde avond nog aan het uitsloven. Maar het ging echt voor geen meter. Geen ééne meter. Op de een of andere manier wist ik het verschil tussen links en rechts niet en moest ik 36 keer het filmpje opnieuw afspelen om te kijken wat ik nou precies moest doen. Tot hóévér moet je hoofd nou tussen je knieën?! 

Nu gaf ik niet mijn motorische gestoorde brein of mijn A-sportieve karakter de schuld van deze blamage, maar mijn bed. Mijn matras is veel te zacht voor dit soort ongein en de vloer veel te koud. Maar ik gaf niet op! In het kader van ijzer smeden als het heet is, bestel ik diezelfde avond nog ik een lichtblauw yogamatje. Mijn nieuwe sportieve carrière kan niet meer stuk! 

Nu had ik jullie graag willen trakteren op een ongelofelijk succesverhaal. Maar het is januari. Bijna februari. En mijn blauwe yogamatje ligt nog steeds onuitgepakt – het plastic wikkeltje zit er nog strak omheen – op mijn kast.  

Welke wijn?
Rolling uit Australië

Welke druif?
Pinot Grigio 

Gekocht bij?
Studio Smaak van Wijn in Soest

Na zo’n mislukt sportief avontuur kan je maar beter doen waar je wél goed in bent. Wijntjes drinken. En dan kies je maar deze, met een vrolijk fietsende dame op het etiket. Ben je toch nog een beetje sportief bezig. De kleur van deze Pinot is een beetje bleekjes. Smaak is fris en fruitig (appel en peer) en als je even je ogen dicht doet, proef je ook iets noot-achtigs. En als je je ogen nog wat langer dicht doet, zie je jezelf sportief en moeiteloos losgaan op je yogamatje! Wel met een wijntje links, olijfje rechts en een zonnetje op je bol.

AUTOPECH

Kijk, je hebt van die dagen dat je denkt: hoe krijg je het voor elkaar? Onlangs was het weer zo ver. Ik reed ik in mijn autootje van Amsterdam naar Soest, toen ik een vreemd geluid hoorde. Een soort flatssj. Een rare witte veeg op mijn voorruit. In de veronderstelling dat er precies boven mij een meeuw met een nare buikgriep vloog, deed ik mijn ruitenwissers aan om de gorigheid van mijn voorruit te wassen. Het had weinig succes. “Hardnekkige stront”, dacht ik nog. Eenmaal op plaats van bestemming werd het duidelijk. Dit was geen meeuw met buikloop, maar een flinke barst in voorruit, die – vraag me niet waarom – wit uitsloeg.

Dan heb je dus dat fijne bedrijf dat altijd heel subtiel uitlegt waarom een sterretje zoooo ontzettend gevaarlijk is. Die moet je dan bellen, want ze kunnen een hoop, maar ruiken dat je ruit stuk is, dat dan helaas niet. Daar begint het probleem bij mij, want ik weet wel duizend-en-één redenen te verzinnen waarom het nu nou nét níét uitkomt. Slaat nergens op, I know, maar het gebeurt gewoon.

Dit was geen meeuw met buikloop, maar een flinke barst in voorruit

Goed, uiteindelijk, onder lichte dwang, een afspraak gemaakt. De beste mensen komen gewoon langs om de voorruit te vervangen. Ideaal en nogmaals het besef dat dat getreuzel helemaal nergens op slaat. Afijn, aan het einde van de dag reed ik met een spiksplinternieuwe ruit naar huis. En serieus, zonder dollen, die avond nog rijd ik op de A1, en ineens zie ik vanuit mijn rechter ooghoek, zowat in slowmotion, een heel klein mini grijs rotsteentje op mijn auto afkomen. Zo vanuit de lucht. Zonder pardon. PATS. Sterretje. Alweer.

Maar omdat dit keer het sterretje geen barst werd, werden het aantal redenen om niet te bellen vertwintigvoudigd. Vakantie, geen zin, geen tijd. You name it, maar bellen ho maar. Tot kort daarna. Terwijl ik in mijn auto – met het sterretje – stil sta om links af te slaan, knalt een dikke zwarte Audi vol tegen mijn lieftallige witte Opeltje. God mag weten wat er allemaal stuk is aan die auto (de voorruit trouwens niet!!) maar ik weet alleen dat ‘ie total loss is verklaard. En dat bellen voor het sterretje van mijn to do lijstje af kan. En door de wasstraat halen trouwens ook.

Welke wijn?
Porta da Ravessa uit Portugal, Alentejo                             

Welke druif?
Roupeiro, Arinto en Fernão Pires

Gekocht bij?
Meegenomen uit Zuid Portugal

Om van de schrik te bekomen, maar gauw een wijntje. Maar om te voorkomen dat ik een kater de dag erna ga verwarren met een whiplash, kies ik voor het éénpersoonsflesje wijn uit Portgual. De druiven die de wijn maken klinken al zo exotisch dat er weinig mis aan kan gaan. Deze lichtgele wijn is een prima medicijn om de innerlijke mens weer tot rust te laten komen. Heerlijk fruitig, maar ook ‘groenig’. Het ruikt alsof je op een zomerse dag in het gras de voorbij vliegende wolken observeert. De smaak lijkt een beetje op de klassieke Verdejo’s, maar dan zonder dat muffige. Een fris aperatiefje. Het flesje was sneller op dan mij lief was overigens. Maar de dag erna kon ik honderdprocent zeker zeggen: geen kater. En geen whiplash. 

De druiven die de wijn maken klinken al zo exotisch dat er weinig mis aan kan gaan

Amai! Genieten op de kamping!

Rock Werchter 2016. Een van de modderigst edities ooit. Toen we het festivalterrein opliepen begon het – als een warm welkom – eerst keihard te stortregenen. Sta je in de rij voor muntjes, in of beter gezegd onder, je poncho, je nog zorgen maken over moddervlekken op je spijkerbroek. De eerste vlek probeer je nog ijverig weg te poetsen, maar na een half uur besef je je dat je het hele weekend gewoon uitziet als een boer die keihard op het land gewerkt heeft. Niks hippe festival shorts, jurkjes en zonnebrillen. Hallo poncho’s, kaplaarzen en regenjacks.

Maar: een geluk bij een ongeluk. Wij sliepen het hele weekend in een stacaravan! Op camping De Klokkenberg wel te verstaan. Deze camping – lees kamping – verdient een omschrijving. Camping De Klokkenberg wordt normaliter bewoond door een paar bejaarde Belgen die om 11.00 uur hun eerste speciaal bier nuttigen. Zittend op hun luxe tuinstoelen, kijkend naar de tientallen tuinkabouters die de voortuin opfleuren. ’s Middags wordt er wat genuttigd in de frietkot en ’s avonds gaat de elektrische bbq aan. Genietend van de rust. Tot het moment dat het pittoreske Werchter wordt bewoond door tienduizenden festivalbezoekers die waar mogelijk al om 10 uur beginnen met bier drinken. En daarbij pas om 04.00 uur eindigen.

Oké, wij waren dus een van die tienduizenden rustverstoorders, maar wat hadden we een geluk! Nu is een caravan sowieso beter dan een tent – denk aan je eigen douche, wc, je kan je staand aankleden, een lekker matras. Maar met dit weer hadden we het niet beter kunnen treffen. Alles was en bleef droog. We hoefden tijdens een van de vele stortbuien niet onze scheerlijnen aan te trekken. Ons zorgen te maken over of de buitentent niet tegen de binnentent aan waait. Of je je schoenen wel binnen had gezet. En of je tent überhaupt wel overeind bleef staan.  

En bovenal: we waren in het heerlijke bezit van een koelkast! Leuk voor de mannen dat er koud bier klaarstond, maar ik kon als heuse kampingbewoonster, heerlijk mijn koude (!) wijntje nuttigen.

Welke wijn?
Lindemans, 2015

Welke druif?
Sauvignon Blanc

Gekocht bij?
Appie!

Hee, echt wel een lekker wijntje voor dat geld! Fris en fruitig, strak, zoals een sauvignon blanc hoort te zijn. Je proeft voornamelijk citrus en appel, maar je wordt eigenlijk naar iedere slok wel verrast met een andere smaak. Toppertje hoor deze. En al helemaal als aperitiefje voor een lange dag lauw festivalbier…

Wit, rood, rosé of groot

Ik ben een keer een beroemd iemand tegengekomen. Maar dan écht beroemd. Niet Carice van Dingest op het Heinekenplein, Niki Hupseflats joggend in het Vondelpark of eentje van De Jeugd van Tegenwoordig op de Nieuwmarkt. Nee, een échte échte beroemdheid. In het wild. Gewoon zo maar.

We liepen gewoon ergens op een zonnig Rooms pleintje toen vriendlief ineens voor mij ging staan en de weg blokkeerde. Met grote ogen: “Je weet wel The Faces, met die blonde haren, van Chelsea, van dat ene liedje”. Ik dacht echt dat ‘ie een acute zonnesteek had opgelopen. Totale wartaal. Maar toen ik keek omkeek, zag ik ineens wat ‘ie bedoelde. Het was Rod. En in plaats van het feit dat ik het gewoon noteerde en doorliep, rende ik in een soort reflex naar een vrije plek op het terras en ging zitten.

We hadden dus een A-locatie met perfect zicht op Rod Stewart. Zo onopvallend mogelijk – dat was het waarschijnlijk helemaal niet – hielden we de oud-rocker in de gaten. Stiekem toch best wel trots dat ‘we’ zo’n beroemdheid hadden gespot en dat we heel quasi nonchalant naast hem zaten. Het voelde een beetje als een overwinning. Maar in alle paniek waren we wel een klein detail vergeten. Opa Rod gaat natuurlijk niet bij een gemiddeld restaurant lunchen. Dat besef kregen wij pas toen we het menu in onze handen geduwd kregen. Goedkoopste op de kaart? Een Italiaans Prossecootje van €12 per glas. Aii.

En hoewel we die middag een godsvermogen kwijt waren, is Rod sindsdien een running gag geworden. Zelfs zo dat we naar zijn concert zijn geweest in de Ziggo Dome vorige week. Van iedereen die ik vertelde dat we daar heen gingen kregen we nogal wat gefronste blikken. Maar na het bovenstaande verhaal, dat ik iedere keer als verdediging aanvoer, begrepen de meeste het wel. Of in ieder geval ze déden alsof ze begrepen waarom we bijna €80 uitgaven aan zwijmelmuziek voor 50-plussers.

Welke wijn?
Grote wijn                                                                                   

Welke druif?
Ik denk Chardonnay

Gekocht bij?
Ziggo Dome

Bij de Ziggo Dome zijn ze niet zo moeilijk. Begrijp me niet verkeerd hoor, ik verwacht heus geen uitgebreide wijnkaart daar. Maar toch. De keuze bestond uit: wit, rood, rosé. Dat is inderdaad net genoeg informatie om een keuze te kunnen maken. Máár, en nu komt ie, daaronder stonde nog een vierde optie. Namelijk: grote wijn. Om het hoge 50-plus gehalte aan te kunnen dacht ik dat het minimaal nodig was om ‘grote wijn’ te bestellen. Het was een verrassing welke kleur het dan zou worden. En welke druif. En überhaupt een indicatie van de smaak. Maar goed, groot is groot en dat kreeg ik dan ook. Mijn oordeel? Gewoon prima festival wijn. Niet te zuur, niet te zoet, geen uitgesproken smaken. Ik denk niet dat Rod de wijn erg zou waarderen… Die ‘goedkoopste’ op dat terras was nogal van een ander niveau.

Eten bij de Chinees

Manlief was jarig. En om dat te vieren ontstond het plan om uit eten te gaan. Nu ben ik de beroerdste niet en gaf hem de eer om een restaurant te kiezen. Die vraag werd beantwoord met een lange stilte. Die kan vast niet op de naam komen van dat ene nieuwe tentje met biodynamisch, linksomgedraaid voedsel uit de nabije omgeving, dacht ik nog. Want dat is altijd zo. Je denkt het hele jaar: daar wil ik een keer eten en zodra de gelegenheid zich voor doet kan je er niet meer op komen. Met als gevolg dat je weer naar het restaurant gaat waar je al tig keer bent geweest. 

Afijn, maakt niet uit. Ik liet ‘m lekker nadenken. “Ja”, zei hij glunderend. “Ik weet het. Ik wil naar die Chinees, tegenover het centraal station.” Goed, toen bleef het bij mij dus even stil. Elke Amsterdammer die dit leest, weet direct over welke Chinees ik het heb. Voor de niet-Amsterdammers onder ons: de Chinees tegenover het centraal is een potsierlijk drijvend paleis. Volledig in stijl. Zeg maar, de Van der Valk bij Breukelen, maar dan op het water. Toppunt van kitsch. Toppunt van lelijkheid én toppunt van toeristisch. In China ongetwijfeld prachtig, maar tussen de grachtenpanden is het ‘m toch net niet. 

De argumentatie luidde: “Ja, daar wil ik al zo lang heen. En iedereen kent het maar niemand is er ooit geweest.” Waarna ik dacht: jammer dat ‘ie nou uitgerekend deze wel heeft onthouden en jammer dat ‘ie iets kiest waar nooit iemand komt. Misschien heeft dat een reden? Ik zag een soort mega eetzaal voor me, helemaal leeg, met in het midden een keyboard waarop de huisartiest ‘My Heart Will Go On’ van Celine Dion pingelt. En dan niet in de pianostand, maar op de panfluitstand. Een aquarium met vijf trieste goudvissen en dan wij in het hoekje met babi pangang op ons bord.

En dus geschiedde. Met niet al te hoge verwachtingen stapten we op woensdagavond het drijvende megapaleis binnen. En je gelooft het of niet: bomvol. Super druk. Én gezellig. En geen keyboard. En toen het diner werd gereserveerd (nee, niet menu B met sambal, maar Dim Sum, eend en ossenhaas) viel ik bijna van mijn stoel. Het eten was heerlijk. En de service was bovengemiddeld goed. Manlief blijkt dus toch een soort alternatieve pionier te zijn als het gaat om het uitzoeken van restaurants. En ik had weer eens mijn lesje geleerd: niet zo vooringenomen zijn.

Welke wijn?
Vino Azul

Welke druif?
100% chardonnay

Gekocht bij?
Gekregen. Maar is te bestellen bij www.vinoazul.nl

Ik ben hardleers. Want ik kon het echt niet laten om vooringenomen te beginnen aan deze wijn. De kleur is felblauw. Denk Blue Curaçao of allesreininger. En de geur helpt vervolgens niet om je vooroordelen aan de kant te zetten. Want ik ruik voornamelijk die zoete besuikerde perziksnoepjes. In de verre verte een klein zuurtje. Ik dacht dat we een normale chardonnay gingen drinken… Toch is de eerste slok verrassend! In plaats van het zoet overheerst het zuur. En hij is best lekker fris. Ineens komen er groene appels, citroenen en een ‘prikkeltje’ naar boven. Perfect bij een zonnige dag. Al gauw merkte ik dat ik na een slok of 3 – 4 niet meer doorhad dat ik knalblauwe wijn aan het drinken was. En ik genoot er oprecht van. Vooroordelen, ze zijn echt nergens goed voor.

 

Afritsbroeken, verrekijkers en matige wijn

Panama. Bloed heet. Máár: kans om een Quetzal te zien. Quetzal? Ja. Ik moest ook vier keer vragen hoe dat beest ook al weer heette en hoe het eruit zag, maar het is een bijzondere vogel die zich niet zo veel laat zien. Aan het ontbijt bereiden meer mensen zich voor op de tocht der tochten. Afritsbroeken, schutkleurige bloezen en zonnehoeden. Vogelboek op zak. Grote verrekijker om de nek en een camera met een objectief waar je u tegen zegt.

Oké: ik droeg Teva’s, geen verschrikkelijke wandelschoenen. Ik had een kek spijkerbroekje aan, leuke tanktop (je wil wel bruin worden natuurlijk), bijpassende oorbellen en een o zo hippe Panamahoed. Geen aap die er naar kijkt, maar je wil toch een beetje voor de dag komen. Cameraatje op zak en gaan met die banaan. De berg op.

En toen gebeurde het, iets dat je als vrouw hááát. Ik moest plassen. Midden in de jungle. Waar mannen rustig een boom opzoeken, moeten vrouwen toch iets meer fratsen uithalen. Dus ik ging op zoek naar een plekje waar ik zeker wist dat geen vogelaar mij zou kunnen bespieden. Haastig op zoek naar een veilige plek, zie ik ineens iets voorbij scheren. Knal blauw. Het ging recht voor mijn neus in de boom zitten. Shit dacht ik. Ik sla alarm: Papegaaaaaai! Ik zie die papegaaaaaaai!

Panama wijn.jpg

Goed. Professioneel ging dat dus niet, maar we hadden hem wel gezien. Op de weg terug werden we uitvoerig gefeliciteerd door afritsbroek-verrekijker-dure-camera-dragende-gefrustreerde-vogelaars dat we de Quetzal hadden gezien. “It took me six times to see that bloody bird’’. Echt? Why in vredesnaam? Beetje trots was ik wel.

Al die felicitaties moet je natuurlijk vieren. En na heel veel dagen bier, trakteer ik mij die middag op een wijntje. Eindelijk. Net zoals ik zo weinig moeite heb gedaan voor die vogel, koos ik ook deze zonder al te veel moeite.

Welke wijn?
Front Era uit Chili                                          

Welke druif?
Sauvignon Blanc en Blanc Semillon

Gekocht bij?
De supermarkt in Boquete, Panama. Maar ook dichter bij huis verkrijgbaar: de Appie verkoopt ‘m ook.

Jup. Het is duidelijk dat ik deze wijn een beetje achteloos gekozen had. Na het zien van een van de meest bijzondere vogels van midden Amerika dacht ik dat ik natuurlijk alles zonder enige moeite voor elkaar kon krijgen. Helaas, want bij het kiezen van wijn moet je toch je koppie er bij hebben. Beetje vlak, wel fris en fruitig, maar er was echt niks aan. Beetje limonade, waar je maagzuur van krijgt. Ach, ondanks de smaak, zal ik altijd aan die ‘papagaai’ denken als ik langs het wijnschap van de AH loop.

 

 

Praktische aankopen als mijlpalen in het leven

Het levenspad naar de dertiger jaren laat zich kenmerken door een aantal aankopen die als mijlpaal dienen naar het ouder worden.

Eén van deze mijlpalen is de aanschaf van wandelschoenen. Net afgestudeerd en drie maanden Ecuador in het verschiet vraagt om degelijke schoenen. Na herhaaldelijk aandringen van mijn moeder heb ik destijds toch een stevig paar gekocht. Ik probeerde de verkoper nog over te halen dat ik het ook wel kon doen met hippe Allstars, maar ik denk dat die arme jongen is omgekocht en hij bleef volhouden dat ik het daarmee niet zou redden tijdens mijn jungletochten. Maar eenmaal thuis was ik toch stiekempjes blij met mijn paar schoenen die duurder waren dan elk ander hip leuk paar in mijn kast.

Een volgend voorbeeld is de aanschaf van een Swiffer-set. Die kocht ik afgelopen jaar nog, toen ik net was verhuisd en mijzelf heilig voornam om m’n huis als een goede bewoonster schoon te houden. Het erge is nog dat ik stiekem heel trots thuis kwam van de Blokker en serieus blij was met de aankoop van een plastic stok met wegwerpdoekjes. Ik wist zeker dat als mijn schoonmoeder mij zou zien swifferen, ik een paar plusjes achter mijn naam zou krijgen. Ik had dat ding nog niet koud in huis of ik ging al ijverig in de weer (waarna ik een zeer verbaasde blik kreeg van mijn vriend).

Dit weekend heb ik wederom een mijlpaal bereikt. Voor mijn aankomende vakantie heb ik heerlijke praktische Teva-sandalen gekocht. In de categorie schoeisel oerlelijk. In de categorie degelijke sandaal zijn ze te doen. Nu is er wel al van alle kanten gedreigd mij te ontvrienden, het risico om geassocieerd te worden met een sandaal-dragende vriendin nemen de meeste niet, maar ook nu ben ik in het geniep blij met mijn aankoop. Ik weet: op vakantie ben ik de lachende derde. En die spannende-niet-praktische aankopen komen heus nog wel. Heus.

Welke wijn?
La Jara Prosecco Frizzante

Welke druif?
Prosecco

Gekocht bij?
Grapedisctrict

Over lekker praktisch gesproken. Dat kan je prosecco wijn in het algemeen, maar deze in het bijzonder, wel noemen. De lichte bubbeltjes wijn uit Noord-Italië is een allemansvriendje, dus bij de aanschaf van een fles zit je altijd goed. Wel zo makkelijk. De smaak van deze prosecco is niet heel uitgesproken, dus doet het goed bij veel gerechten en de borrel. Wederom een praktisch voordeel. En zoals Teva’s met burgerlijkheid worden geassocieerd, worden bubbels in wijn altijd met feestelijkheid geassocieerd. Met andere woorden: aan deze wijn kan je geen bult vallen. Dus doe eens lekker praktisch en schaf een flesje aan.

 

 

Helemaal in balans met een evenwichtige Italiaan

Ik heb een social media ergernis. Nou ben ik daar zeker niet de enige in, maar deze ergernis heb ik nog niet vaak gedeeld met de medemens. En eerlijk gezegd heb ik ‘m ook nog nooit gehoord van anderen. Maar het kan niet anders dan dat er meer mensen op deze aardbol rondlopen, die dezelfde irritatie voelen als ik. Nou, wat is er nu zo vervelend op social media dat er zelfs een volledige blog aan gewijd wordt? Het gaat om foto’s die mensen plaatsen op Facebook.

Nee, het gaat niet om de overload aan foto’s van kinderen, huisdieren of wazige donkere foto’s van half lege borden (kijk mij eens chique uit eten gaan). Heus, bij veel van die foto’s denk ik “moet dat”, maar dat kan ik nog wel handelen. Kinderen van jezelf zijn nu eenmaal altijd de leukste, jouw huisdier is sowieso de schattigste en jouw avondje uiteten is bij uitstek de meest geslaagde. Prima dat je dat deelt met de rest van de wereld. Nee, mijn ergernis gaat over iets anders (ik merk dat ik er steeds agressiever van ga tikken). Komt ‘ie: het gaat om mensen die de neiging hebben om ongeveer 36 vrijwel identieke foto’s online zetten.

Ik zal proberen de situatie te schetsen. Stel je bent lekker een dagje naar het strand. Met de hond. Een uitje waar je als trotse hondenbezitter uiteraard enorm van geniet. Dat moet sowieso gedeeld worden. Al wandelend door de duinen neem je natuurlijk uitgebreid de tijd om je trouwe viervoeter vast te leggen. Dan is het ideale moment daar. Met zijn tong uit z’n bek poseert ‘ie op een prachtig plekje zand. Klik klik klik klik, hup lekker veel foto’s voor op Facebook. Tot hier prima. Ik zou dan denken, je kiest de mooiste uit, deelt die met je vrienden en iedereen weet: joh die Lisanne heeft een lekkere middag in de duinen gelopen met haar hond.

Maar op de een of andere manier gaat het daar vaak mis. Mensen zetten in plaats daarvan een foto online van de hond als ie naar links kijkt, als ie naar rechts kijkt, net gaapt, z’n tong uitsteekt, z’n kop een beetje schuin houdt, net wil weglopen, gaat pissen tegen een paal en als ie uitgebreid gaat liggen tukken. Waarom?! Waarom plaatsen mensen AL die foto’s online?! Als buitenstaander weet je echt genoeg op basis van 1 foto. Waarom krijg je ze allemaal te zien? Ik ben het spoor volledig bijster.

Ik kan trouwens nog even verder gaan. Foto’s van kinderen. Een kleuter die van een glijbaan glijdt. Eén op de trap, één bovenaan de trap, één als ze gaan zitten, één halverwege de glijbaan en dan nog 3 als ze er vanaf zijn). Van borden. Eerst met veel voedsel, dan is de helft op en vervolgens is het bord leeg. Wat knap, je hebt je bord leeg gegeten! Oh, en je hebt zelfs de garnering braaf verorberd.

Goed weer even zen worden. Jullie weten inmiddels wel hoe ik dat doe…

Welke wijn?
Vigna Vecchia uit Umbrië , Italië (2014)

Welke druif?
Trebbiano Spolentino

Gekocht bij?
De najaarsproeverij van YanFlorijn

De wijnen van YanFlorijn zijn vaak natuurwijnen. Dat betekent: zo min mogelijk ingrepen en additieven bij het wijn maken. Zeg maar een wijn zonder E-nummers. Helemaal zen dus. Het leuke aan deze wijn is dat ‘ie troebel is, net een verse appelsap. Als je ‘m ruikt is ie zoet, zwoel en zwaar. Van die grote gele rozijnen. Maar dan drink je ‘m? Bijna het tegenovergestelde! Fris en fruitig, bloemig. Een lekker zuurtje, maar niet overheersend. Alles is mooi in balans. Yin Yang, eb en vloed, Feng Shui. Was ik net aan het klagen? Nee toch?

De remedie tegen een tijdelijke brain damage

Wij kregen dit weekend bezoek. Hoog bezoek. Ons nichtje van 2 jaar kwam 2 nachtjes logeren in de Mokum. Hartstikke leuk natuurlijk, maar wel een aanslag op je normale idee van weekend vieren. Dat we niet konden uitslapen, daar was ik op voorbereid. Niet ver van huis kunnen ook. Dat naar de markt lopen ongeveer het hoogtepunt zou worden, dat had ik voorzien. Een ook op het verschonen van luiers was ik volledig voorbereid. En eerlijk gezegd keek ik er ook wel naar uit: een weekend gedwongen rustig aan doen. Maar er is één ding wat ik niet zag aankomen: een dalende hersencapaciteit waar je bang van wordt.

In huize Wijnmuis klonken de gesprekken de afgelopen 2 dagen ongeveer zo: Ja dat is de poes. Afblijven! Even niet aankomen. Waar wonen opa en oma? In….? Goed zo! Ho, niet aankomen. Eerst je mond leeg eten. Ja, Lisanne heeft een uil op d’r shirt (x 25). Is je boterham lekker? Heb je geplast? Niet doen. Niet opeten, dat is van de poes. Pas op, dat is een cactus. Cactus doet auw. Niet aan z’n staart trekken. Wil je slapen? Hier neem maar een banaan. Kiekeboe. Uiteraard geen verbazingwekkende gesprekken met een peuter, maar waar ik mij vooral over verbaasde is wat voor effect dit direct (!) heeft op je vermogen tot logisch nadenken.

Een simpel campingbedje opzetten: kwartier over gedaan. “Ik zie echt niet hoe dit werkt, jij?” De kinderbuggy uitklappen. Geen idee hoe je dat ding zo krijgt, dat ‘ie niet direct weer dubbelklapt als er een kind in gaat zitten. Laten we het ook vooral niet over het inklappen hebben. De autostoel installeren, ik maak geen grap dat heeft ons een half uur gekost. Dan denk je, ja dat is onwetendheid over babyspullen. Dat heb je altijd. Nee, ook het doen van boodschappen werd ineens een moeizaam proces. Ik denk dat we wel 6 producten zijn vergeten. Overkomt ons nooit. En ik heb minstens 5 keer m’n teen heb gestoten tegen dat eetstoeltje. Iets met ezel, steen en 3 keer? Anyways, na 2 dagen kleuteren hebben mijn hersenen een flinke oppepper nodig voordat ik maandag weer aan de slag ga.

Welke wijn?
Rheingau Qualitätswein Trocken (2014)

Welke druif?
Riesling

Gekocht bij?
Online bij AH.nl

Deze wijn is inderdaad een lekkere oppepper. Allereerst omdat als je ‘m inschenkt het net is of ‘ie een klein bubbeltje heeft. De smaak heeft een mooie balans tussen zoet en zuur. Zonder dat de smaak strak is, toch lekker fris. Van mij had ‘ie wel wat meer zuur mogen hebben, om die grijze brei daarboven nog iets meer wakker te schudden. Maar mocht je niet zo’n weekend achter de rug hebben gehad, drink ‘m dan lekker als borrelwijn. En voer eens een goed gesprek. Gewoon omdat het kan.  

Het leed dat wijnkennis heet

Begin van dit jaar ben ik begonnen aan een wijncursus. Dat deed ik met heel veel plezier, en daar is ook de inspiratie ontstaan voor het opzetten van Wijnmuis Amsterdam. Nu heb ik naast mijn hobby, ook nog een baan. Ja, helaas kan ik niet 24/7 met wijn bezig zijn. Ik heb een hele leuke baan, al zeg ik het zelf, en vooral veel leuke collega’s. Collega’s die ook wel een borreltje lusten. Niet moeilijk voor te stellen dat onze vrijmibo’s goed toeven zijn.

Niet incidenteel wordt er op mijn werk een borrel uit de kast gepakt. Zo doen we dat ook met nieuwe klanten. Zodra de befaamde mail met handtekening binnen is, staan we binnen no time voor de koelkast. Daar moet op gedronken worden! Nu ik binnen ons team de stempel wijnkenner heb, want ja ik heb nu eenmaal een wijncursus gedaan, wordt er met prangende ogen mijn oordeel afgewacht. Wat vindt Lies ervan?

Ik merk dat vaker om mij heen, zodra je de stempel wijnkennis op je voorhoofd hebt staan, moet je over elk glas dat je naar binnen werkt een weloverwogen mening geven. En vooral het beslissende oordeel is belangrijk: issie goed of niet? Maar waarom eigenlijk? Moet een wijn helemaal uitgekristalliseerd worden of mag ‘ie ook gewoon prima zijn?

Van dat laatste ben ik een grote voorstander. Want soms is het moment nét even belangrijker dan de wijn. Een toffe nieuwe klant: “Mwah deze wijn heeft wat aardse ondertonen”. Vieren dat je vakantie hebt: “De balans tussen de zuren en zoet is niet helemaal optimaal”. Proosten op een nieuw huis: “Ik vind de bubbels vrij groot voor dit type wijn.” Dat zijn toch ongelofelijke dooddoeners? Soms maakt het even niet uit wat je drinkt en is het nieuwe huis, die blije collega of het moment samen met je grote liefde belangrijker dan al het andere in de wereld. En dus ook belangrijker dan de wijn. Ietsjes dan.

Om maar direct het goede voorbeeld te geven:

Welke wijn?

Cava Mont Marcal uit Spanje

 Welke druif?

Een combinatie van Xarello, Macabeau en Chardonnay

 Gekocht bij?

Geen idee. Gedronken op mijn werk na het winnen van een nieuw klant.

Het oordeel? Prima bubbelwijntje! Op naar de volgende nieuwe klant, ik zeg proost!

 

Water bij de wijn

Ik blijf ze tegenkomen. Meisjes (sorry, ik ken alleen de vrouwelijke variant) die in de kroeg, met een stalen gezicht, een zoete witte wijn mét ijs bestellen. Hoe krijg je het voorelkaar? Drink dan een Malibu of een Passoã. Desnoods een Breezer Ananas. Nu is de combinatie ijs en wijn iets dat mij nog het meeste stoort. Even voor de duidelijkheid: ijs is bevroren water.

We gooien dus zonder blikken of blozen klonten water bij de wijn. Drankmisbruik van de bovenste plank. Het nut ervan is mij overigens totaal niet duidelijk. Ik mag toch hopen dat de barman de wijn koud inschenkt. Doe je er dan ijs bij om de smaak te neutraliseren? Dan denk ik: neem geen zoete wijn waar je nog aan de smaak moet sleutelen. Dat heeft de wijnboer al voor je gedaan.

Toch vind ik dat ik ook even voor dit ondergeschoven kindje moet opkomen. Want een zoete witte wijn kan echt goddelijk zijn. Als je eens de blits wil maken tijdens een etentje, laat je dan eens adviseren welke zoete wijn er past bij, ik noem maar een dwarsstraat, chocoladetaart. Je denkt dat je chocoladetaart al je van het is. Maar echt, door een passende zoete wijn, til je die taart naar een ongekend niveau. Alsof er een engeltje over je tong plast.  Voor je het weet is én de fles leeg én is er geen kruimel meer over van je taart.

Zoete witte wijnen zijn in veel gevallen dus meer dan prima. Maar houd gewoon even rekening met de setting. En laat het bevroren water sowieso buiten wegen. Deal?

 Welke wijn?

Duc de Termes, limited edition, uit de buurt van de Pyreneeën

Welke druif?

Petit Manseng, Gros Manseng, Arrufiac en Petit Courbu

Gekocht bij?

Jumbo Foodmarkt in Amsterdam Noord

 Goed. Dus even de mindset: lang getafeld, voor-, hoofd- en nagerecht achter de kiezen en nog altijd geen zin om te stoppen met de gezelligheid. Dus pakken we deze zoete dame erbij. De kleur van deze wijn is goudgeel, een beetje vlakjes voor een zoete wijn. Als ik ‘m proef, dan kan ik alleen maar denken aan aromarijke vruchten. Perzik, banaan, van dat soort. Hoewel de wijn op en top zoet is, proef je ergens achter in de mond toch nog een zuurtje. Geen absolute hoogvlieger hoor deze wijn, maar mede dankzij het kleine zuurtje geschikt voor ieder etentje. Direct zin om weer een nieuw etentje te plannen!